Hemelvaart – kort verhaal voor Radio feb27

Bericht delen

Hemelvaart – kort verhaal voor Radio

Terugluisteren via: http://www.radio1.nl/bnntoday
Naar aanleiding van het aftreden van de Paus zendt Radio 1 op donderdag 28 februari – tussen 20:30 en 22:00 op BNN Today – het korte verhaal ‘Hemelvaart’ uit van Mariëtta Nollen in de vorm van een hoorspel.

Kort verhaal  |  Hemelvaart

Dit was zijn hemelvaart. De dood was in gebreke gebleven, dus werd hij per helikopter uit het Vaticaanse paleis gedeporteerd. Potsierlijk, banaal en werelds was het, zoals hij daar voor het kleine raam zat met die idiote doppen op zijn oren. Dit was Bertone’s idee natuurlijk. Zijn kamerheer was de werkelijke meester van Vaticaanstad. De Oude Paus zelf had al niets meer te zeggen, sinds hij de paasgroet in slechts dertig talen had uitgesproken. Daarmee stond hij voor altijd in de schaduw van zijn voorganger – Johannes Paulus de Tweede.
‘Jezus Christus kwam ook niet van het kruis,’ had de taaie Pool gezegd – en was moedig doorgegaan tot de dood hem in zijn slaap had opgezocht.
Als tussenpaus had hij allang aan een of andere kwaal moeten bezwijken. Maar hoezeer de Oude Paus ook voor een waardig sterven had gebeden, hij was iedere ochtend weer belachelijk gezond wakker geworden. God luisterde ook al niet, had hij mokkend gedacht – net zomin als zijn bisschoppen en kardinalen. De drek – hun drek – had verborgen moeten blijven. Maar nee, onder zijn bestuur was alles boven komen drijven. Hij had zich op de Latijnse liturgie willen storten, niet op seksueel misbruikte kinderen. Dus had hij besloten wél van het kruis te komen en lévend het Vaticaan te verlaten. Dat God daarop zijn toorn zou laten neerbliksemen op de Sint-Pieter, had hem danig geschokt.
Zijn hemelvaart was een vlucht – al dan niet op wieken.
‘Ziet u, Vader?’ riep de mooie Georg Ganswein, die hij als prefect van de Pauselijke Huishouding haast dag en nacht in zijn buurt had gehad. ‘Allemaal voor u!’
De Oude Paus keek naar buiten. Daar stonden de 120 paars bedekte kardinalen. En daarachter die tienduizenden op het Sint Pietersplein. Hij stak aarzelend zijn hand op. Onmiddellijk steeg een schreeuw op uit de massa.
‘Ze houden van u, Vader!’ Georg riep altijd dingen die niemand geloofde.
Het gepeupel daar beneden, en de mensen achter hun televisies thuis, zouden zich morgen alweer verkneukelen. Hij had de flitsende camera’s wel gezien toen de wind van de wentelende wieken zijn soutane had opgetild. Daarmee zou de wereld weer een blik werpen op de lange pijpen van zijn pauselijke witte onderbroek. Dat soort foto’s van zijn corpus publicus haalden namelijk altijd de voorpagina’s.
Maar dit keer zou hij er zijn ogen voor kunnen sluiten. Het werk zat erop. Hij ging alleen nog maar piano spelen en…
‘Georg, heb je Chico nog laten ophalen in Beieren?’ Georg zat naast de piloot, dus leunde de Oude Paus wat naar voren. Zijn hand lag losjes op de leuning van zijn mooie assistent. Hij zou – als hij zijn vingers zou strekken – de zachte huid van zijn oorlel kunnen aanraken.
‘Kijk eens achter je?’ zei Georg met een lach.
Hij was blij verrast toen hij de gesloten kattenmand zag staan. Tussen het riet door staken de zwart-witte haren van zijn kat Chico. Onmiddellijk vergat hij het plein en de mensen, en alles wat achter hem lag.
‘Oh Georg!’ riep hij met meer warmte dan hij doorgaans durfde: ‘Wat maak je mij hier blij mee.’
‘Ik doe toch alles voor u,’ zei Bel Giorgio met zijn kokette lachje. De Oude Paus streelde snel met zijn hand langs diens wang. Om acht uur vanavond vloog zijn favoriet met de pauselijke relikwieën terug naar Rome en dan zouden ze elkaar misschien nooit meer zien. De Oude Paus zou in zijn rafelige blauwe trui ambteloos en alleen achterblijven op Kasteel Gandolfo.
Gelukkig had hij Chico.
De Oude Paus reikte naar de mand, maar kon er net niet bij. Het lukte hem wel met zijn vingers het deurtje open te peuteren. Chico rook de vrijheid en wrong zich, zodra het kon, al klauwend naar buiten.
‘Kom süßes Kätzchen,’ zei hij. Maar de kat, die niet bij hem had mogen wonen in het Vaticaan, leek hem niet meer te kennen. In plaats van kopjes te geven, sloeg hij zijn nagels in zijn hand. De Oude Paus schreeuwde en legde instinctief zijn tong over de pijnlijke kras. Met de smaak van bloed in zijn mond keek hij in Georg’ ogen.  Gevangen in dat hemelsblauwe licht, zag hij niet hoe de kat op het instrumentarium van de helikopter sprong. Onderzoekers konden later niet verklaren waarom de wieken onmiddellijk blokkeerden. In de stilte die voorafging aan de oorverdovende klap, dacht de Oude Paus dat hij zijn God hoorde lachen.